Foto: Poëziecentrum

04.02.2019

Poëzie in de boekhandel. Klassiekers doen het goed, maar ook jongere stemmen zijn in opmars

Vorige week maakte Boek.be, de belangenvereniging van de boekhandelssector in Vlaanderen, bekend dat de poëzieverkoop in 2018 gestegen was met 16,6%. Poëzie-Centraal polste bij een aantal gerenommeerde boekhandelaars of zij iets van die stijgende trend gemerkt hebben en wat zij vinden van promotiecampagnes zoals Poëzieweek om poëzie in de kijker te zetten. Steven Van Ammel (SVA) van Passa Porta Bookshop (Brussel), Gert Brouns van Boekhandel Limerick (Gent) (GB), Thomas Barbier van Boekhandel De Reyghere (Brugge) (TB) en Johan Vandenbroucke van Boekhandel De Zondvloed (Mechelen/Roeselare) (JVB) lieten in hun poëtische hart kijken.

P-C: Boek.be maakte deze week bekend dat de poëzieverkoop in Vlaanderen in 2018 met 16,6% gestegen is ten opzichte van 2017. De top 4 bestaat volledig uit bundels van de Canadees-Indische instagram dichteres Rupi Kaur. Heb je iets van die stijging gemerkt in de boekhandel?

TB: Rupi Kaur, daar zijn we er al mee. Er zijn wellicht evenveel haters als lovers van haar poëzie, maar wat wel opvalt is dat ze een hele generatie niet alleen aan het lezen krijgt, maar dan nog wel aan de poëzie krijgt. Over de kwaliteit ervan wil ik me niet uitlaten, maar ze raakt gevoelige snaren en maakt erg veel jongeren bewust van hun emoties en wekt empathie op. Dat kan ik enkel toejuichen. In de boekhandel op zich vertaalt zich dat in bosjes jongeren die met elkaar in dialoog gaan over gedichten op zich en die dan ook op zoek gaan naar andere schrijvers. Zo zijn er inmiddels wel meer jonge stemmen die na succes op instagram ook boeken hebben uitgebracht. En als jongeren daar hun plezier in vinden, dan ben ik de laatste om dat te veroordelen. Het verkoopaandeel van Rupi Kaur heeft bij ons niet zo’n grote impact op de cijfers, maar als boekhandel zetten wij altijd al behoorlijk in op poëzie. Als er dan een bestseller als Kaur tussen zit, dan is dat nog steeds maar een fractie van wat wij op jaarbasis omzetten.

SVA: We hebben inderdaad gemerkt dat de bundels van Rupi Kaur (die we in het Engels, Nederlands en Frans aanbieden) goed verkopen. We zien wel dat mensen die het werk van Kaur kopen verder zelden tot nooit werk van andere dichters kopen of zelfs maar bekijken, het is een beetje als met de poëzie van Toon Hermans: ook zijn werk bieden we aan, maar die lezers kijken ook niet verder dan het Toon-universum. Zonder oneerbiedig te willen klinken, maar het enige dat deze Bond zonder Naam teksten verbindt met andere boeken in deze afdeling is de NUR code.

GB: Ja, al lag dat niet aan de genoemde auteur. Wij hebben steeds een groot aanbod poëzie ‘in the picture’ staan. In tegenstelling tot wat gladde marketeers proberen verkopen is het hier wel degelijk het aanbod dat de vraag bepaalt en niet andersom. M.a.w. wat er niet ligt kan je niet verkopen.

JVB: 2018 was zeker geen slecht jaar voor de poëzieverkoop. Wij hebben zeker niet minder bundels verkocht dan de jaren daarvoor, integendeel, puur op gevoel zou ik zeggen dat we vorig jaar meer poëzie verkocht hebben. Natuurlijk, echte verkoopssuccessen zijn veeleer zeldzaam. Van Rupi Kaur hebben we inderdaad redelijk wat exemplaren verkocht.

P-C: Echte bestsellers hebben we niet onder de dichters, maar misschien zijn er toch een aantal dichters waarvan je weet dat ze meer over de toonbank gaan, dan andere? Verkoop je vooral Nederlandstalige poëzie of is er ook belangstelling voor buitenlandse poëzie?

JVB: wij hebben een mooi aanbod aan poëzie in de shop en als je veel in huis hebt, vergroot dat natuurlijk de kansen op verkoop. Er zijn natuurlijk een aantal ‘klassiekers’ die het goed blijven doen: Nolens, Herman de Coninck, Bart Moeyaert, Peter Verhelst. De verkoop van de poëzie van Claus zit een beetje in een dip, hoewel we de heruitgave van De Oostakkerse Gedichten mooi verkocht hebben. Delphine Lecompte is ook een vaste verkoopswaarde en het debuut van Marieke Lucas Rijneveld heeft het ook lang niet slecht gedaan. Benieuwd of haar tweede bundel even goed zal verkopen. Een aantal grote buitenlandse namen doen het ook niet zo slecht: Cummings en Nabokov bijvoorbeeld.

TB: Sowieso zijn bij ons Peter Verhelst en Delphine Lecompte uitschieters. Als Brugse auteurs omarmen we hen graag en geven we ze vanzelfsprekend een vaste plek in de boekhandel. Verder zijn populaire dichters bij ons ook Bernard Dewulf, Leonard Nolens, Stefan Hertmans, Maud Vanhauwaert, etc. Van hen kan je toch altijd dat tikkeltje meer verwachten. Wij hebben ook een actieve poëzieleesgroep, waardoor de dichters die we daarin bespreken ook wat vaker worden opgepikt dan ze gemiddeld zouden doen. Zo hebben we bijvoorbeeld veel aandacht gehad voor Joost Baars, Hester Knibbe en Runa Svetlikova. Auteurs die anders wellicht moeilijker in de kijker te zetten zouden zijn. Tot voor kort hadden we erg weinig buitenlandse poëzie, maar dankzij een verbreding van onze kast hebben we ook plaats gemaakt voor een aanbod Engelstalige poëzie met zowel bloemlezingen als vaste waarden als Cummings, Bukowski, Dickinson én nieuwe stemmen als Kate Tempest. Wat leuk is in het Engels is dat er ook vaak thematisch wat speelsere verzamelingen op de markt komen. Zo vind ik de bundel “She is fierce” – samengesteld door Ana Sampson met enkele poëzie van vrouwen – een absolute aanrader.

GB: Hier bij Boekhandel Limerick verkopen we voornamelijk Nederlandstalige poëzie. Buitenlandse poëzie – vooral Engelse - wordt dan weer meestal in de oorspronkelijke taal gelezen en gekocht. Gelukkig verkopen wij een zeer divers aantal auteurs maar Peter Verhelst en Charlotte Van Den Broeck steken er toch bovenuit.

SVA: We verkopen poëzie in vier talen (Nederlands, Frans, Engels en Duits), onze Nederlandstalige afdeling is de grootste, met oorspronkelijk en vertaald werk. Het effect is kleiner dan bij romans of non-fictie, maar toch merk je ook bij poëzielezers wel dat er naar bepaalde bundels wordt uitgekeken. Aangekondigd nieuw werk van bijvoorbeeld Peter Verhelst of Charlotte Van den Broeck zorgt voor reikhalzend uitkijken, bestellingen via mail en het occasionele zenuwachtige telefoontje van poëzieverzamelaars. We verkopen iets meer oorspronkelijk Nederlandstalig werk dan vertalingen, maar sinds de komst van mooie fondsen als Vleugels en Koppernik zien we toch ook een sprongsgewijze toename van verkoop bij de vertalingen.

P-C: Gelooft u in de meerwaarde van een initiatief zoals Poëzieweek  om poëzie te promoten in de boekhandel?

TB: De poëzieweek vind ik op zich al een meerwaarde om het genre in de kijker te zetten. Al mis ik wel een extra gedragen initiatief als de Herman De Coninckprijs in deze periode. Het publiek is gewoon geraakt aan die gedichtendagposter en dat was een dankbare motivator om vanuit de boekhandel te verdelen. Wij krijgen er nog steeds erg veel vraag naar. Vorig jaar hebben we met een paar lokale boekhandels het initiatief in eigen handen genomen om een poster te maken met de Brugse stadsdichter Tania Verhelst, maar dit jaar zat de najaarsdrukte in de weg, waardoor dit qua timing niet gelukt is. Het hangt er ook erg vanaf wat je als boekhandel met die poëzieweek doet. Wij nemen het met veel plezier aan om extra communicatie te doen naar ons publiek. Onze etalages zijn op poëzie gericht, op onze website staat een overzicht van activiteiten in de buurt en onze selectie van recente toptitels die je niet mag missen en uitleg over onze poëzieleesgroep. Poëzie maakt deel uit van onze boekhandelsidentiteit, dus voor ons is de poëzieweek een gelegenheid om dat extra te benadrukken.

GB: Misschien eerder bij een groter publiek dan per se in de boekhandel, maar nuttig is het wel. De Poëzieweek heeft bijvoorbeeld een veel groter bereik dan de Boekenweek, die best afgeschaft wordt gezien het niet parallel lopen met Nederland.

SVA: Ja en nee, er is een aantoonbare meerverkoop op Gedichtendag en in de week van de poëzie maar ik vrees dat het ook gemakzucht in de hand werkt bij bijvoorbeeld organisaties als boek.be. Door een doorgedreven vermarkting in het boekenvak dreigt ‘poëzie’ (maar ook ‘het essay’) net nog meer in een verdomhoekje terecht te komen, zo’n Gedichtendag fungeert als hedendaagse aflaat om het verder maar niet over een moeilijk genre te moeten hebben.

JVB: persoonlijk ben ik geen groot fan. Dichters verdienen beter dan één dag of één week per jaar. In De Zondvloed proberen we het hele jaar door aandacht te hebben voor poëzie met dichters die komen voorlezen, nieuwe bundels die voorgesteld worden … Omdat er al zo veel activiteiten georganiseerd worden tijdens de Poëzieweek, organiseren we zelf niets, maar we stappen natuurlijk wel mee in de promotiecampagne met het Poëziegeschenk, affiches, … Ook onze etalage krijgt een poëtische make-over tijdens die Poëzieweek.

P-C: Dit jaar schrijft Tom Lanoye het Poëziegeschenk, vorig jaar was dat Peter Verhelst. Als klant krijg je dat geschenk bij aankoop van € 12,50 aan poëzie. Heb je suggesties van dichters die de volgende jaren het geschenk zouden mogen schrijven?

SVA: Suggesties te over, maar waarom zou je jaarlijks één gelegenheidsbundel verdelen als je elke maand een andere (bestaande) bundel onder de aandacht kan brengen? Maar goed, dat was de vraag niet. Misschien is het tijd voor een poëziegeschenk van Delphine Lecompte, Dominique De Groen of Runa Svetlikova? Of een generatiebundel, type ‘Twist met ons’ van zoveel jaren geleden, een spraakmakend smörgåsbord aan talenten.

JVB: Ik ben wel eens benieuwd wat Marieke Lucas Rijneveld zou doen met dat Poëziegeschenk of Radna Fabias. Ook de Palestijnse dichteres Fatena-Al-Ghorra, die in België woont, zou volgens mij wel iets interessants kunnen doen. Eigenlijk mag elke “serieuze” dichter van mij het Poëziegeschenk schrijven. Hoe meer poëzie onder de aandacht komt, hoe liever ik het heb.

TB: De neiging bestaat steeds om naar auteurs te grijpen die vooral bij een groot publiek bekend zijn, maar daarom niet altijd in de poëzie bedreven. Dus ik zou het een veel sterker signaal vinden als we met het poëziegeschenk net de meerwaarde van poëzie zouden kunnen benadrukken door dichters te kiezen die hun oeuvre voor zich laten spreken, los van hun bereik. Het poëziegeschenk moet gewild zijn door haar kwaliteit, en niet door populariteit. Graag zou ik dichters als Hester Knibbe of Luuk Gruwez wel eens op de cover zien prijken. Of dichters van een jongere generatie als Dominique De Groen, Lies Van Gasse, Frank Keizer, Joost Baars, etc. We moeten af van het idee dat de grootste gemene deler de beste keuze is voor een poëziegeschenk.

GB: Graag jonge auteurs (m/v/x) en het mag ook wel iets progressiever 😉.

P-C: Hebt u zelf een favoriete dichter/een favoriet gedicht?

GB: Eén van mijn favorieten maar helaas nog te onbekend is Jeroen Vermeiren, die mij zeer aangenaam trof met zijn bundel Alles behalve nooit, uitgegeven bij Uitgeverij P. En ook Ellen Lanckman, Met niets is alles begonnen  bij het pas opgerichte Matador, schrijft toegankelijke maar erg rakende poëzie.

TB: Ik heb wel meerdere favoriete dichters. Kiezen is verliezen, daarom liever een lijstje van enkele favoriete dichters en gedichten :)))

  • Leonard Nolens 'Denkende hitte'
  • Peter Verhelst 'Hoe krachtig een nacht kan zijn'
  • T.S. Eliot 'Death by Water' (uit The Waste Land)
  • Samuel Beckett – 'Alba'
  • Kate Tempest 'Tunnel Vision'
  • Ted Hughes 'The Dove Breeder'
  • Maarten Inghels 'Bij jouw lichaam is adem honger'
  • Derek Walcott 'The Fist'
  • Gerrit Kouwenaar 'Totaal witte kamer'
  • Hugo Claus 'Dagboekbladen (op Thomas zijn vierde verjaardag)'
  • Paul van Ostaeijen 'Ik sta nu eenmaal voorbij de grens'

SVA: Nogal, ja, meerdere. De voorbije maand heb ik koortsig het werk van Rob Schouten zitten lezen, een late ontdekking ingefluisterd door Bart Meuleman die me ook al het pad wees richting Frank Koenegracht. H.H. Ter Balkt staat dik op de planken, net als Anneke Brassinga zie ik nu. Veel Kouwenaar ook, maar het is een tijdje geleden dat ik het nog eens las. En een favoriet gedicht? Ook daar, meerdere. Het hangt af van waar mijn wijfelende hand halt houdt in de boekenkast, nu is dat toevallig bij Jos De Haes, uit diens ‘Azuren holte’ het eerste gedicht uit de reeks 'Avond en morgen'.

JVB: Ik ben opgegroeid met de poëzie van Lucebert en Claus, dus ik kan wel wat aan. Het is ook bijna onmogelijk om tussen al die goede dichters één dichter uit te kiezen. Menno Wigman lees ik erg graag, maar als je me naar mijn échte favoriete gedicht vraagt, dan zou ik daar ‘Interview’ van Jean Pierre Rawie op antwoorden. Voor sommigen zal dat misschien een verrassende keuze lijken, maar ik ben altijd een groot fan van de gedichten van Rawie.

Nog meer nieuws over poëzie in de boekhandel? In het januari-nummer van Poëziekrant gaat Maarten Dessing op bezoek bij Index Poetry Books in Leiden, Perdu in Amsterdam en natuurlijk ook bij onze eigen Poëzieshop.

Tags: Cijfers, Interview